Monday, March 30, 2015

Maymont - Arboretum

Het arboretum van Maymont heeft een oppervlakte van 100 acres (ongeveer 0.40 km2) en bevat duizenden mooie bomen en struiken. Een aantal is specifiek afkomstig uit Virginia en zijn opmerkelijk vanwege hun grootte en schoonheid. Het Arboretum bevat tevens meer dan 200 exotische soorten bomen en planten door de Dooleys geïmporteerd zijn in het begin van de 20e eeuw, toen burgemeester Dooley een aanplantprogramma begon van aanzienlijke omvang.

De Dooley’s reisden de hele wereld over en bezochten internationaal beroemde tuinen tijdens hun trips. Men gaat ervanuit dat deze bezoeken de aanleiding vormden om een arboretum aan te leggen op Maymont. De bomencollectie van de Dooley’s bevat zowel exotische als oorspronkelijke bomen herbergt een ongewoon hoog niveau van wereldwijsheid en verfijning. Op basis van de samenstelling gaat men er vanuit de bomen niet alleen voor hun schooheid verzameld werden, maar tevens voor wetenschappelijke en educatieve doeleinden. De grootte en leeftijd van vele van de exotische boomsoorten duidt erop dat deze zeer zorgvuldig op specifieke locaties geplant zijn om ervoor te zorgen dat ze in de daaropvolvende jaren optimaal konden groeien. Dit betreft onder meer de False Larch, de Pseudolarix kaempferi, uit Japan; de witte Enkianthus, Enkianthus perulatus, een struik uit China; en de Perzische Ironwood, Parrotia persica.

In 1986 werd Maymont’s Arboretum erkend als een van de meest noemenswaardige arboretums in het land door bomenexperts. In 1982 zei een van de experts zelfs dat het arboretum dusdanig uniek is, dat het in geen honderd jaar elders gekopieerd kan worden. Momenteel huisvest het arboretum specifieke exotische bomen zoals de blauwe atlas cederboom, Cedrus atlantica; Cryptomeria, Cryptomeria japonica; Europese wijnblad lindeboom, Tilia europea en de eerder genoemde Perzische Ironwood.

Een van de goede eigenschappen van het arboretum is dat in de oorspronkelijke aanleg, alle bomen voldoende ruimte hebben gekregen om te groeien en uit te breiden. Een bekende horticulturist merkte ooit op dat de persoon die het arboretum aangelegd heeft, heel erg goed bekend moet zijn geweest met hoe bomen groeien aangezien in veel arboretums men er jaren later achterkomt dat de bomen te dicht bij elkaar geplant zijn.

Tevens uniek zijn de ongeëvenaard mooie vergezichten die te vinden op het landgoed. Deze vergezichten zijn niet gekunsteld noch gepland. Deze kritische prestatie is een voorbeeld van een van de belangrijkste doelstellingen van het landschap tuin stijl. De moderne toevallige bezoeker merkt mogelijk de meer formele planting van bomen langs Magnolia Drive of de styllistische rij van evergreens van en naar het wachtershokje bij de poort. Veel bezoekers kunnen maar moeilijk geloven en bevatten dat toen de Dooley’s de grond kochten in 1880, dit stuk grond niet meer was dan landbouwgrond.

Eer komt hier vooral toe aan de Dooley’s die intensief betrokken waren bij de aansleg van elk aspect van het landgoed.

Saturday, March 28, 2015

Maymont - The Japanese Garden

Maymont’s naturalistische Japanse tuin staat in sterk contrast tot de formele Italiaanse tuin. Zodra je de Japanse tuin binnentreedt door de onderscheidende poorten, waan je je meteen in een andere wereld. De tuin is koel, schaduwrijk en heeft een intiem karakter. Geluiden worden gedempt. Zelfs kinderen nemen vaak even een stapje terug, worden rustiger, observeren meer en worden introspectiever wanneer ze de tuin binnentreden. Alhoewel het geen religieuze tuin is, zet de tuin veel mensen aan het denken en laat hen tevens reflecteren.

De Japanse tuin bevat een mix van diverse stijlen van Japanse tuinen uit twee verschillende ontwerpperiodes. In 1911 kochten de Dooley’s een wigvormig deel van het Kanawha kanaal dat grenst aan Maymont. Voor het ontwerp van de tuin, veronderstelt men dat de Dooley’s Muto ingehuurd hebben. Muto was een vooraanstaand tuinontwerper die verschillende Japanse tuinen ontworpen heeft voor andere estates aan de Amerikaanse Oostkust.

Het concept van aangelegde tuinen is ontstaan in de 7e eeuw in China en door Koreaanse hoveniers overgebracht naar Japan. De Japanners hebben het concept van aangelegde tuinen wel aangepast aan de lokale omstandigheden en behoeften.

De oorspronkelijke Japanse tuin had een veel kleiner oppervlak. Een aantal specifieke kenmerken van die tuin inclusief het steenwerk rondom de basis van de waterval, verschillende bomen en de kronkelende waterloop die uitkomt in de grote vijver zijn nog steeds in de huidige versie van de tuin terug te vinden. Helaas zijn na de dood van de Dooley’s een groot aantal oorspronkelijke details en schoonheid verloren gegaan.

In 1978 werd de tuin gerenoveerd door Earth Design Inc. Tijdens de renovatie werden klassieke elementen van Japanse tuinen in Kyoto, Tokyo en Nara in de tuin verwerkt. De stijl die gebruikt werd voor de renovatie is beter bekend als een “stroll garden” oftewel een “wandeltuin”. Door middel van het ontwerp, probeert men de bezoekers verschillende impressies te geven zodra bepaalde delen van de tuin binnen het gezichtsveld komen.

De Japanse tuin heeft nu getrimde en gesnoeide bomen en struiken, geharkt zand, steengroeperingen en verschillende waterelementen. Alle elementen zijn ontworpen om de indruk te creëren van een oud, natuurlijk ontwikkeld landschap. Additionele specifieke elementen die in de tuin verwerkt zijn, zijn stenen lantaarns, paden en bruggen.

Groene, bruine en grijze kleuren zijn gebruikt om de robuustheid van de natuurlijke omgeving te vertegenwoordigen. Bloemen worden discreet gebruikt. Wateririssen bloeien aan de oevers in de lente gevolgd door bloeiende waterlelies in de zomer. Kersenbloesem markeert de overgang van de lente naar de zomer.

Recent zijn er additionele elementen toegevoegd aan de tuin. Dit betreft onder andere de Noordelijke toegangspoort, een traditionele boog, accentuerende planten bij de vijver, twee nieuwe lantaarns en een nieuw wandelpad rondom de vijver.

Wanneer je de tuin bezoekt, bedenk dan vooral dat de “echte” schoonheid van de tuin schuil gaat in de subtiliteit van de tuin zelf. Realizeer jezelf hoe spaarzaam bloemen gebruikt zijn en let vooral op de texturen die gebruikt zijn.

Monday, March 16, 2015

Maymont - The Italian Garden

Noland en Baskervil uit Richmond hebben de Italiaanse tuin aangelegd voor de Dooley’s. Voor de aanleg werd gebruik gemaakt van klassieke elementen en concepten die ontwikkeld zijn in Italië in de 15e en 16e eeuw. De kleine waterval en de fontein bij de Oostelijke ingang van de tuin lijken qua patroon en ontwerp heel erg op een soortgelijke waterval en fontein bij de Villa Torlonia nabij Rome. De stenen die gebruikt zijn, zijn van graniet, afkomstig uit Petersburg in Virginia en qua steenwerk is er tot op heden geen vergelijkbare tuin ter wereld die tevens opengesteld is voor het publiek.

De tuin heeft een groot aantal specifiek Italiaanse elementen zoals de fonteinen, de geometrisch aangelegde bloemenperken, beelden en het contrast tussen zon en schaduw met de lange pergola die uitstrekt langs het Noordelijke deel van de tuin. Er zijn tevens hoogteverschillen en plateau’s aangebracht in de tuin om zo zoveel mogelijk het klassieke ideaal in de tuin te kunnen verwerken.Vanuit de tuin had en een wijds uitzicht op de James River.

De hoofdingang tot de Italiaanse tuin is aan de West-kant richting het landgoed. Een stenen boog met het opschrift: “Via Florum” oftewel Bloemenweg” verschaft toegang tot de tuin en markeert tevens de afscheiding tussen de tuin en de omliggende grond. De Italiaanse tuin is gerestaureerd in 2003 door een aanzienlijke en genereuze gift van de Harrison familiestichting.

Men treedt de tuin binnen onder de beschutting van de pergola die bestaat uit een rij van parallelle pilaren opgetrokken uit graniet die de overkapping ondersteunen. Op sommige van de nog beschikbare foto’s is duidelijk zichtbaar dat er rozen groeiden tegen de pilaren. De pergola is een zeer gewilde locatie voor bruidsfoto’s.

Geometrisch gevormde bloemenperken/bedden zijn een typisch en onderscheidend element van de Italiaanse stijl. Oorspronkelijk had de tuin weinig bloemen en voornamelijk evergreens: planten die het hele jaar door groen blijven die gebruikt werden voor vorm en structuur. Tevens werden de evergreens vaak in een typische vorm gesnoeid. De perken op het centrale niveau van de tuin reflecteren de Victoriaanse smaak voor bloemen wat tevens de voorkeur is in de moderne tijd.
 
Drie extra niveau’s van de tuin kan men zien vanaf het centrale niveau: de Secret Garden, de Promenade en de waterval. In de Italiaanse tuin van de Renaissance werd de Secret Garden aangelegd als een kleine besloten binnentuin waar dames zich terug konden trekken en hand- en naaiwerk konden doen.
 
Aan de Oostkant van de tuin ligt een mooi prieeltje wat ontworpen is in en geïmporteerd uit Italië. Deze zeer charmante aanvulling op de Italiaanse tuin komt he best tot haar recht laat in de lente wanneer de pioenrozen rondom het prieeltje in volle bloei staan.
 
In 1997, heeft Maymont veel werk verricht om de Italiaanse tuin meer in overeenstemming te brengen met het omliggende landschap. Tijdens deze herontwikkeling van de tuin werden het karakter van de waterval en het prieel en de relatie tussen deze elementen met het omliggende landschap versterkt.

Monday, March 9, 2015

Maymont – The Mansion

In Richmond was Maymont het meest opzienbarende en grootste huis van de verschillende elite-huizen die de hoge levensstijl van die tijd reflecteerden. De hoge levensstijl kun je met name terugzien in de naast elkaar gelegen, vaak asymmetrische arrangementen van patronen, kleuren en structuren in zowel historsiche als exotische stijlen. De belangrijkste kamers hadden ieder een aparte en eigen stijl. De aangrenzende salons waren allen opgetrokken in 18e eeuwse Franse stijl. De muren van beide kamers zijn bedekt met zijden damast, de haardstenen zijn wit onyx, en de plafonds zijn versierd met fijn stucwerk en decoratieve schilderkunst. De woonkamer met de imposante Engels Renaissance-geïnspireerde schouw doet herinneren aan een "baronie" hal. De bibliotheek is een prachtige uitdrukking van eclecticisme en de "artistieke" smaak van de late jaren 1880 en '90. Het plafond en de fries zijn versierd met sjablonen en uitgevoerd in mahonie hout. Mahonie hout is tevens gebruikt in de gehele kamer inclusief de originele Venetiaanse jaloezieën. De belangrijkste kamers zijn verrijkt met glas in lood spiegels, houtsnijwerk, decoratieve plafonds en versierde muren.

De eerste verdieping heeft een grote woonkamer, verlicht door een groot Tiffany’s glas-in-lood raam. Verder heeft de eerste verdieping een ochtendkamer, de beroemde “zwanen-slaapkamer”, twee extra slaapkamers en 2 betegelde badkamers.

Toen de bouw van Maymont afgerond was, was het voorzien van alle meest moderne gemakken van die tijd, inclusief electrische verlichting, een lift, drie volledige badkamers en centrale verwarming.

Gasten kunnen twaalf gerestaureerde kamers bekijken op de begane grond en eerste etage waar items tentoongesteld zijn van de Maymont Mansion Collectie.

Als je Maymont binnenkomt op de begane grond, stap je de luxueuze wereld binnen van James en Sallie Dooley. Echter naast de begane grond en eerste verdieping was er ook een “below-stairs” oftewel een kelder. Nu worden in Amerika de huizen vaak zo gebouwd dat de “kelder-etage” half boven, half onder de grond is. Soms zijn huizen op een heuvel gebouwd op een manier dat de je de begane grond binnenkomt via een (kleine) trap. Aangezien de helling achter de ingang van het huis vaak afloopt kan het zijn dat de “below stairs” tegen het aflopende deel van de helling gebouwd is zodat het niet deels in grond is, maar eigen ingangen en uitgangen heeft. Gedurende hun verblijf op Maymont, hadden de Dooleys altijd tussen de zeven en tien man personeel in dienst om hen in hun levensstijl te voorzien: voornamelijk koks, butlers, schoonmakers en chauffeurs.

De taken van het personeel bestonden voornamelijk uit:

·         Schoonmaken en houden van de 33 kamers in het landhuis
·         Dagelijks koken voor 12 man en zelfs voor honderden wanneer de Dooleys feesten hadden  
 |        op Maymont
·         Wassen en strijken
·         Hulp bij het wassen en aankleden van de Dooley
·         Het vervoeren van de Dooleys in koetsen en auto’s

De restauratie van Maymont’s keuken, wijnkelder, wasruimte, slaapkamer voor de butler, provisiekast voor de butler en de slaapkamer voor de dienstmeisjes/werksters werden afgerond in 2005. Door middel van acht verschillende “periode-kamers” en informatiepanelen kunnen de bezoekers nu kennismaken met specifieke personeelsleden en inzicht verkrijgen in hun leven op en buiten Maymont. Tevens kunnen bezoekers hier een idee krijgen over hoe technologie het leven van de werksters veranderde gedurende de jaren. Dit had ook een impact op de relatie tussen de Dooleys en hun personeel in het Zuiden was in die tijd nog strict raciaal gescheiden was.

Monday, March 2, 2015

The Dooleys - Sallie May Dooley

Sarah (“Sallie”) O. May, de 8e van negen kinderen en een nazaat van verschillende oude families in Virginia werd geboren op 23 juli 1846 op haar ouders’ plantage in Locust Grove wat onderdeel uitmaakt van Lunenburg County. Haar vader Dr. Henry May was geboren in Petersburg en was een nazaat van de Nathaniel Harrison of Brandon Plantation and Sir Edward Digges, een van de vroege koninklijke gouverneurs van de kolonie (1655-58). Haar moeder, Julia Jones overleed toen Sallie slechts 7 jaar oud was. Daarna bracht Sallie lange(re) periodes door bij haar oudere getrouwde zussen die in Staunton, Virginia woonden. Ze trouwde de veelbelovende jonge advocaat James Dooley in 1869 en begonnen hun leven samen in Richmond.

In 1886, kochten de Dooleys een groot perceel grond aan de oevers van de James River. Het kinderloze stel, beiden inmiddels de 40 gepasseerd begonnen de bouw van hun nieuwe huis en de transformatie van het perceel. Sallie Dooley was een fervent horticultuur student. Ze was dan ook actief betrokken bij de aanleg, inrichting en onderhoud van de tuinen van Maymont.

Sallie Dooley was ook een auteur en in haar poëzie zie je haar passie voor tuinen terug alsmede haar passie voor de landelijke vooroorlogse wereld waarin ze opgroeide. Haar boek getiteld: “Dem Good Ole Times”, wat gepubliceerd werd door Doubleday Page en Co in 1906 is een verzameling van reflecties en verhalen, verteld vanuit het perspectief van een slaaf. Het boek is geschreven in het dialect wat door de slaven gebruikt en gesproken werd. Sallie Dooley kende dit dialect nog uit haar kindertijd.

In 1882 richtte Sallie, als regentes, Virginia’s eerste branch op van de “Dochters van de Amerikaanse Revolutie”, de “Old Dominion Branch” om precies te zijn. Ze was tevens een van de oprichtsters van de “Koloniale Dames van Virginia” wat een onderdeel was van de “Orde van de Crown” (Amerikanen van koninklijke komaf). Ze was tevens een supporter van Vereniging ter behoud van de Antiquiteiten in Virginia en de Virginia Historical Society. De Virginia Historical Society bestaat momenteel nog steeds en is gehuisvest in een monumentaal gebouw in Richmond aan 428 N. Blvd. Zeker een bezoekje waard.

Sallie Dooley overleed in haar zomerhuis, Swannanoa op 5 september 1925 op 79-jarige leeftijd. Haar testament bevatte enkele zeer grote donaties waaronder $500,000 dollar aan het Crippled Children’s Hospital, $500,000 voor de Richmond Public Library en $250,000 voor het bisdom Virginia. Tevens was bepaald dat de juwelen van Sallie verkocht moesten worden en de opbrengst zou worden gedoneerd ten behoeve van missies van het bisdom. Zoals aangeraden door haar man liet ze Maymont na aan de stad Richmond onder de voorwaarde dat Richmond het landhuis en de tuinen als museum zou openstellen voor het publiek. Maymont werd als museum geopend voor het publiek in maart 1926.

Monday, February 23, 2015

The Dooleys - James Henry Dooley

Tijdens de 19e en het begin van de 20e eeuw, voor de invoering van inkomstenbelasting en anti-trust wetgeving, hebben een groot aantal ondernemers en bankiers door het hele land enorme rijkdom vergaard. James Dooley was een van deze mensen. Hij was niet alleen actief als ondernemer/bankier, maar ook politiek waar hij actief betrokken was het opnieuw opbouwen van de economie in “the South” (Zuidelijke Staten, gelegen onder de Mason-Dixon-lijn). Dooley was als ondernemer erg actief in de spoorwegen, landontwikkeling en andere ondernemingen. James en zijn vrouw Sallie waren de centrale personen in de sociale, intellectuele en filantropische kringen in Richmond en Virginia. Tevens ontwikkelden zij een brede blik op de wereld waarvan men voorbeelden terug kan vinden in hun huis, Maymont.

James Henry Dooley wordt gezien als een van de zakelijke leiders van het “Nieuwe Zuiden”. James werd geboren op 7 januari, 1841, als de zoon van John en Sarah Dooley die naar Amerika emigreerden vanuit Ierland. John Dooley groeide uit tot een zeer succesvol hoedenmaker en was tevens oprichter en commandant van de Montgomery Guard. De Montgomery Guard was een militie van Richmonders met Ierse roots. Alle leden van de militie waren overigens vrijwilligers. Tevens waren de Dooleys vooraanstaande leden van de St. Peter’s katholieke kerk.

In 1856 ging James Dooley studeren aan Georgetown College. Georgetown College is momenteel Georgetown University, ligt in Washington DC en is een kleinere universiteit, maar een met een zeer gerespecteerde naam en reputatie. James onderscheidde zichzelf door als eerste student, alle 4 jaren van zijn studie als beste van zijn klas te eindigen. Hij studeerde af in 1860 en kort daarna sloten zowel James als zijn broer John zich aan het leger van de Confederatie (Zuidelijke Staten). Beiden sloten zich aan bij hetzelfde onderdeel, Company C, waar ook hun vader onderdeel van uitmaakte. Tijdens de slag bij Williamsburg in 1862 raakte James gewond en werd hij gevangen genomen tot augustus 1862. Ongeschikt geacht voor verdere veldslagen ging hij aan de slag bij de artillerie en kreeg de rank van majoor uit eerbied. Na de oorlog ging hij terug naar Georgetown University en rondde daar zijn masteropleiding af.

Na het afronden van zijn masteropleiding ging hij aan de slag als advocaat. Zijn sublieme capaciteiten als advocaat, ondernemer en openbaar spreker legden hem geen windeieren. In 1871 werd hij dan ook gekozen tot de Virginia Legislature (wetgevend orgaan in Virginia, omdat iedere staat afzonderlijk ook zijn eigen wetten en regels heeft naast een set van landelijke regels aangezien veel zaken op lokaal niveau geregeld worden). Hij werkte voor de Virginia Legislature van 1871 – 1877.

Zakelijk ging het James Dooley voor de wind. In 1880 werd hij lid van de Board van Richmond and Danville. Richmond and Danville focuste met name op het (her)bouwen en linken van kleine verspreide spoorwegen. Het netwerk strekte zich uit tot diep in het Zuiden. Verder investeerde James Dooley in de Sloss-Sheffield Iron and Steel Company alsmede andere bedrijven in de Birmingham (Alabama) regio. Birmingham ligt op ongeveer 1.100 kilometer van Richmond. Tevens trad hij aan als director van de Chesapeake and Ohio (spoorweg) e.n was hij als als investeerder betrokken bij een groot aantal andere ondernemingen in de regio waaronder enkele banken.

Als burgemeester realizeerde hij een groot aantal projecten tussen 1870 en 1920 en overleed uiteindelijk op 16 november 1922 in het Grace Ziekenhuis op 81-jarige leeftijd. Eerst werd hij begraven bij de voormalige soldaten van hetzelfde legeronderdeel op de Hollywood begraafplaats. Zijn lichaam werd later opgegraven en bijgezet in het Mausoleum op het Maymont landgoed. Door zijn nalatenschap en de verdeling daarvan werd hij een van de grootste weldoeners in Richmond. Zo liet hij 3 miljoen dollar na aan het St. Joseph weeshuis wat op dat moment de grootste erfenis ooit was ontvangen door een Rooms-katholieke liefdadigheidsinstelling in de Verenigde Staten. Tevens liet hij Maymont na aan de stad Richmond en na haar dood liet Sallie May Dooley een half miljoen na aan de Richmond Public Library ter nagedachtenis aan haar man.

Sunday, February 22, 2015

Maymont – Historie

Tijdens het “gouden tijdperk” van later in de 1880s tot ver in de 1910s, het tijdperk van de de Carnegies, Rockefellers en de Vanderbilts, demonstreerden miljonairs hun rijkdom door het bouwen van zeer grote woningen. James Dooley, een in Richmond geboren bankier behoorde tot de categorie van “nieuwe rijken” in de Amerikaanse maatschappij. Zijn huis, Maymont, wordt momenteel nog steeds gezien als een complete afspiegeling van de luxe en weelde gedurende dit “gouden tijdperk”.

Maymont was het Victoriaanse landgoed van James Henry Dooley en zijn vrouw Sallie May Dooley. Het landgoed beslaat 100 acres wat overeenkomt met ongeveer 0.4km2. In 1886 kochten de Dooley’s het grasland en de grond wat later Maymont zou worden. Sally May kwam zelf ook van een niet onbemiddelde familie van “oud geld” en toen ze de leeftijd van 40 jaar bereikte en de Dooleys geen kinderen hadden, besloten ze om hun middelen aan te wenden om het perceel om te vormen in een landgoed dat zijn weerga niet kenden onder de landhuizen die overal in het land gebouwd werden.

De bouw van het huis werd afgerond in 1893 en de daaropvolgende 30 jaar werd gebruikt om het in te richten met voorwerpen die de Dooleys van verschillende landen in de wereld naar hun landgoed Maymont haalden. Verder werd deze periode gebruikt voor het aanleggen van de tuinen, het landschap en de rest van het complex.

James Dooley, inmiddels opgeklommen tot burgemeester, overleed in 1922. Toen Sally May overleed in 1925 werd Maymont nagelaten aan de stad Richmond. Er waren geen erfgenamen die het landgoed en het daarbijbehorden onderhoud overnamen. De voowaarden voor de stad Richmond waren dat de stad het landgoed zou onderhouden en het landgoed inclusief de tuinen open zou stellen als museum voor het publiek. Slechts zes maanden na het overlijden van Sallie May werd Maymont al opengesteld als museum voor het publiek.

Aangezien de stad niet veel ervaring had met het onderhouden van een landgoed zijn er gedurende de eerste 30-40 jaar een aantal niet zo slimme beslissingen genomen inzake het onderhoud van het landgoed. Zo werden er bij voorbeeld betonnen wandelpaden en betonnen bruggen aangelegd in de tuinen. Hierdoor werd het oorspronkelijke karakter van het landgoed en de bijbehorden tuinen enorm aangetast.

Om verdere aantasting te voorkomen werd daarom in 1975 de Maymont-stichting opgericht. Deze stichting nam vervolgens het onderhoud van Maymont over van Richmond. Er is enige onduidelijkheid of er nu wel of geen geen som geld (endowment) door de Dooleys nagelaten is. De website zegt van niet, maar ik kan me herinneren dat ik tijdens een presentatie gehoord heb dat er wel een som geld nagelaten is, maar dat bedrag kan inmiddels op zijn geweest toen de Maymont Foundation in 1975 opgericht werd.

Door zeer vrijgevende donors heeft Maymont sinds 1975 ongeveer 100 miljoen dollar opgehaald en is het landgoed grotendeels in de oorspronkelijke staat hersteld. Als onderdeel van de herstelwerkzaamheden werd ook al het beton weggehaald uit de tuinen om deze terug in de oorspronkelijke staat te brengen. Tevens werd er in de kelder een groot aantal kunstwerken gevonden die onderhouden en hersteld moesten worden. Onderhoud en herstel is vooral gedaan op basis van gespreken met mensen die goed bekend waren met Maymont en oude foto’s. Maymont is uniek in de zin dat het overgrote deel van de inriching inclusief meubilaire dateert uit de tijd van de Dooleys en daadwerkelijk door hen gebruikt is.